Op 20 maart 2019 zijn de Provinciale Statenverkiezing en de Waterschapsverkiezingen. Dat betekent dat Zeist weer naar de stemloketten kan gaan om te stemmen.

Maar wat houden deze verkiezingen eigenlijk in?

De Provinciale Staten van Utrecht tellen  49 zetels en hun voornaamste taak is het controleren van het dagelijkse bestuur van de provincie. Dat dagelijkse bestuur wordt ook wel het College van gedeputeerde staten genoemd. De gedeputeerden in Utrecht zijn op dit moment van  D66, VVD, CDA en GroenLinks. Zij maken beslissingen over bijvoorbeeld de infrastructuur of juist het toerisme in Utrecht. De voorzitter van de Gedeputeerde Staten is een van de 12 commisarissen van de koning: In Utrecht is dat Hans Oosters.

Wat doet de provincie nog meer?

Bepaalt of steden en dorpen kunnen uitbreiden en waar bedrijventerreinen en kantorenparken mogen worden aangelegd. De Provinciale staten zorgen voor de onderhoud van wegen, nieuwe natuur en het behouden van de huidige natuur. Ook houden ze toezicht op de gemeentelijke milieu wetten. Ze zijn verantwoordelijk voor de aanleg en het onderhoud van provinciale wegen, fietspaden en bruggen en voor de bereikbaarheid van de ambulance.

Ook een belangrijke taak van de provinciale staten is het selecteren van de leden van de Eerste kamer.

De waterschapsverkiezingen zijn sinds 2014 tegelijk met de verkiezingen voor provinciale staten. Zij zijn verantwoordelijk voor onder andere het schoonhouden van het water en het onderhouden van kades en natuurwater.

Hoe staat het er nu voor in provincie Utrecht?

De VVD en D66 zijn op het moment het grootst met beide 9 zetels. Daar onder komt het CDA met 6 zetels, op de voet gevolgd door de Partij van de Arbeid (5 zetels). In totaal zijn er 49 zetels te verdelen bij de Provinciale Staten. De samenstelling op dit moment:

  • PVV 4 zetels
  • SP 4 zetels
  • GroenLinks 4 zetels
  • ChristenUnie 3 zetels
  • Partij voor de dieren 2 zetels
  • SGP 2 zetels
  • 50 plus 1 zetel

De verkiezingen voor de Provinciale Staten en de waterschappen, worden eens in de vier jaar gehouden, en zijn samengevoegd. Dit omdat er steeds een te lage opkomst was bij de waterschapsverkiezingen. Ondanks de samenvoeging was de opkomst bij de vorige verkiezing ‘slechts’ 54 procent. In 2011 was dat nog 63 procent. Ook dit jaar wordt weer een daling van het aantal uitgebrachte stemmen verwacht.

Wat de daadwerkelijke opkomst wordt, zullen we donderdag 21 maart (de dag na de verkiezingen) pas echt weten.