Burn-out klachten nemen de afgelopen jaren steeds meer toe. Dat blijkt zo ook weer uit het rapport wat CBS en TNO brengen over het nationaal salaris onderzoek afgelopen november. Het aantal Nederlanders met burn-out klachten steeg van 12,4 % in 2013 naar 14,6 % in 2016. In Zeist zitten meerdere psychologen en coaching instanties waar hulp aangeboden wordt. Zo ook Meulenberg coaching.

Han Baeten is coach bij van Meulenberg Training & Coaching regio Utrecht. ”Het begrip ‘burn-out’ wordt naar mijn mening te veel gebruikt. Liever spreken we van burn-out klachten. Uit het onderzoek van het CBS van afgelopen voorjaar bleek dat zo’n 15 % van de Nederlandse vrouwen last heeft van burn-out klachten en zo’n 9 % van de Nederlandse mannen hier ook mee kampt. Burn-out- en stressklachten gaan voornamelijk over je langdurig inspannen en het opzoeken van stress zonder met regelmaat te ontspannen. Meestal is dat werk gerelateerd. Dan heb je letterlijke en figuurlijk te weinig pauzes genomen. Een burn-out kan een gevolg zijn van werkdruk in combinatie met het privéleven. Denk bijvoorbeeld ook aan een gezin met veel jonge kinderen, waarbij oma in een verzorgingstehuis zit en mantelzorg voor opa geregeld moet worden. Kortweg verwoord: burn-out klachten worden veroorzaakt in combinatie van omstandigheden en het overschrijden van eigen grenzen. Dagelijkse omstandigheden vragen veel van jouw systeem, waarbij je (zeker als er geen sprake is van herstel tussen door) aan het eind van de dag overvraagd bent. Symptomen worden ernstige klachten en zo doende ontwikkeld zich een burn-out om dat je uitgeput bent.”

Elmer van der Meer, inwoner uit Zeist, heeft last gehad van een burn-out. ”Het begon ongeveer zo’n drie jaar geleden. In het voorjaar rond mei kreeg ik last van hyperventilatie en paniekaanvallen. Ik had toen last van veel druk op het werk, familieomstandigheden en financieel liep het ook niet lekker. Deze factoren brachten mij uiteindelijk op een burn-out.  Na de zomervakantie ben ik de ziektewet ingegaan om aan mijn burn-out te kunnen werken. Door de huisarts werd ik doorverwezen naar een psycholoog en psychiater. Een traject waarin ik langdurig thuis bleef zitten. Mijn werkgever, waar ik nu al zo’n tien jaar voor werk in een hoveniersbedrijf,  heeft mij zeker laten rusten en gaf me zo ook een eerlijke kans om aan mezelf te werken. Het was voor hem natuurlijk niet ideaal, maar mijn werkgever had er wel veel begrip voor. Dat was erg prettig.”

Elmer van der Meer vertelde aan zijn familie hoe slecht het met hem ging door middel van een lange mail. ”Ik had nog weinig familie over dus hulp kon ik vooral alleen uit mezelf verwachten. Verder heb ik nog een vast clubje vrienden aan wie ik in deze periode vooral heel veel heb gehad. Ik vond het moeilijk die hulp te accepteren omdat ik het liefst helemaal niemand wilde zien. Daar had ik op dat moment geen behoefte aan.”

Van der Meer vertelt dat hij in deze periode zeker tot inzichten gekomen is. ”Zo heb ik geleerd minder taken in te plannen en kan ik nu beter ‘nee’ zeggen. Ik ben kritischer gaan kijken naar wie mijn vrienden zijn en daardoor heb ik nu een kleinere vriendenkring. Minder gaan feesten en meer gaan focussen op de toekomst met alle belangrijke dingen daarin.  Hierdoor heb ik nu meer rust,  daarnaast slik ik ook medicijnen en kan ik nu met zekerheid zeggen dat het super met me gaat.”

Wat niet verandert is zijn passie voor zijn werk. ”Na zes maanden ben ik weer dagdelen gaan werken. Dit was echt prima om mijn werkritme ook weer op te bouwen.  De relatie tussen mijn werkgever en mij is nog steeds heel goed. Het vertrouwen was er gelukkig. Ik ben ook oprecht heel blij dat ik de kans kreeg om te herstellen. Niet elke werkgever is zo tolerant. ”

Han Baeten vertelt dat een sessie bij hun ongeveer anderhalf uur duurt. Het is gecombineerd met een wandeling in de natuur en een goed gesprek. ”Ik laat mensen zelf hun grenzen aangeven. Deze grenzen zoek ik op door hard door te lopen en daarbij tegelijkertijd een gesprek aan te gaan. Ik wacht juist op het moment dat iemand zelf tegen mij ‘nee’ of ‘stop’ zegt. Dat is meteen een mooie graadmeter voor het leerproces waarmee ik aan kan geven, dat het belangrijk is grenzen te stellen.”