Nico van der Plas* (26) identificeert zich als transman en is nog niet volledig uit de kast. Uit voorzorg vertelt hij aan bepaalde mensen wel en aan bepaalde mensen niet zijn seksualiteit. Een van de redenen hiervoor: “Ik ben alleen uit de kast bij mensen waar het noodzakelijk is of bij mensen waarvan ik zeker weet dat ze me er niet om gaan lastigvallen.”

Van der Plas heeft geen specifieke leeftijd wanneer hij erachter kwam dat hij geboren was in het verkeerde lichaam, hij was een lange tijd zoekende naar wat zijn gevoelens betekenden. Tussen de 18 en 21 jaar deed hij het meeste onderzoek: veel filmpjes kijken op YouTube, in gesprek met vrijwilligers van transvisie[1] en voorzichtig dingen uitproberen en kijken of dat bij hem paste. Hij wist het zeker toen hij op een gegeven moment wist dat niet iedereen liever als jongen geboren was.

“Ik ben niet volledig uit de kast en dat is in sommige gevallen uit voorzorg. Ik moet bijvoorbeeld voor werk met nogal wat mensen door één deur kunnen. Als iemand er dan moeite mee heeft zou het een stuk vervelender worden om daar elke dag mee in een ruimte te zitten. Ik heb ook niet vaak zin om mezelf te moeten uitleggen of verdedigen, dus dan is het makkelijker om gewoon niks te zeggen.”

“Ik ben wel uit de kast bij mijn familie en vrienden. Aan potentiële partners zou ik het ook vertellen. Ik vertel het niet aan mensen waar ik minder diepgaande relaties mee heb, als ik iemand niet goed ken vind ik het ook niet prettig om zulke persoonlijke informatie te delen.”

“Voor de buren ben ik niet uit de kast. Ik woon hier al een tijdje, dus sommige buren zullen het misschien al weten omdat ik wel wat veranderd ben de afgelopen jaren. Ik praat alleen niet zo veel met de buren, af en toe zeg ik ‘hoi’ tegen mensen die ik het vaakst tegen kom. Om dit dan te vertellen is erg persoonlijk en het zou niet zoveel bijdragen voor mensen die verder weinig van mij weten en vice versa.”

“Die voorzorg heeft ook te maken met taboes over de LGBTQ+ gemeenschap en mensen hun slechte ervaringen. Ik heb niet heel erg het idee dat je ‘vrij’ kan leven. Als ik hand in hand liep en we werden gezien als twee mannen, werd ik achterna geroepen en ook een keer met eikels bekogeld. Toen ik nog niet helemaal fysiek zichtbaar man was, maar er meer androgyn uitzag, kwamen er ook regelmatig vervelende opmerkingen. Ik hoor en lees veel verhalen van mensen die het nog erger te verduren hebben. Er zijn ook mensen die er niet zoveel om geven en je gewoon met rust laten, maar dat is lastig van tevoren in te schatten.”

“Ik hoop en denk dat een aantal mensen ooit vast minder negatief kunnen gaan denken. Ik zou alleen erg verbaasd zijn als er zoveel mensen bijdraaien dat ik in mijn leven nog kan zien dat discriminatie op basis van geaardheid of identiteit echt niet meer voorkomt.”

“Ik hoop voor de toekomst dat er minder haat en negativiteit in de wereld zou zijn. Dat mensen niet bang hoeven te zijn om uit de kast te komen, omdat het ooit net zo normaal is om te zeggen dat je homo, lesbisch, bi of transgender bent als het nu is om te zeggen dat je hetero bent. Dat mensen niet meer bang hoeven zijn voor zinloos geweld of pesterijen.”

*i.vm privacy zijn namen aangepast

[1] https://www.transvisie.nl/