Niks kunnen zien, voor veel mensen lijkt het een grote nachtmerrie. Voor Arend Baarsen is het de realiteit. Voor hem is niks is minder waar. Arend runt samen met zijn maatje Jasper van Galen een wekelijkse radioshow.

Elke vrijdag draaien Jasper van Galen en Arend van Baarsen op de radio van Slotstad Zeist. Met hun programma Wie-o-Weekend luiden ze het weekend in. Jasper en Arend zijn in September gestart bij Slotstad Zeist. Naast vrijwilliger bij de radio is Jasper relatiebeheerder bij de Amersfoortse verzekeringen, en Arend werkt in een ziekenhuis in Leiden als geestelijk verzorg.

Ik heb begrepen dat het vrijwilligerswerk is, waar is de passie voor radio vandaan gekomen?

J. ‘Ik luisterde vroeger als kind altijd naar de radio, zoals sport, maar ook 3FM. Daar had je een programma wat ‘Ekstra Weekend’ heette en dat vond ik altijd heel erg leuk om te luisteren.’

‘Arend en ik zitten samen op een kamerkoor in Utrecht. Toen kwam het idee om radio te maken. Arend had zijn apparatuur mee waarmee we een beetje konden spelen. Dat beviel zo goed, dat we dachten: laten we proberen met z’n tweeën ergens aan de slag te gaan. Snel kwamen we bij RTV Slotstad uit, want hier hadden ze nog mensen nodig. En zo is het geschied, eigenlijk.’

A. ‘Eigenlijk vanaf een jaartje of tien ben ik zelf radio gaan maken. Ik hield van muziek en geluid en ik vond het leuk om met mensen in gesprek te zijn. Misschien is het ook vanwege mijn blindheid dat ik extra gefocust ben op het medium radio. TV speelde voor mij wat minder. Ik vond het harstikke leuk hoe mensen op de radio een wereld schepten door hun verhalen te delen en muziek af te spelen. Zo wordt er een bepaalde sfeer gecreëerd, waar je de luisteraar echt in mee kan nemen. Dat wilde ik ook graag met de luisteraars doen, daarom is mijn passie voor radio ontstaan.’

Wat voor programma’s maken jullie?

J. ‘Zelf maak ik een programma genaamd ‘Jaspers terugblik op de week’. Dat is tussen 6 en 7 op vrijdag. De titel verraadt het al een beetje. We kijken echt puur naar het nieuws, zowel plaatselijk als landelijk of in de wereld, waar we muziek aan koppelen. We proberen altijd wel muziek te zoeken die past natuurlijk. Samen maken Arend en ik Wie-o-weekend, waarin we vooruitblikken op wat er in Zeist gaat gebeuren dat weekend, en we draaien veel muziek. Dat soort dingen. Er is ook een vrijwilliger van de week, die komt dan langs. Ik heb mijn eigen kwartiertje aan het einde van de show waarin ik me op de muziek kan richten. Dat vind ik namelijk het leukste.’

A. ‘Het programma waarin we de mensen het weekend in meenemen is een interactief programma, dus we nodigen mensen ook uit om te reageren en verzoekjes in te dienen. We doen op vrijdagavond ook live verslag van wat er gebeurt in de buurt. We nemen ook het lokale nieuws door en de uitgaantips voor Zeist. Het is echt bedoeld om ons te richten op de regio Zeist en Bunnik waarvoor deze lokale omroep bedoeld is. Ik vind het belangrijk, als publieke taak, om als lokale omroep het nieuws, informatie en educatie te brengen naar de mensen.’

J. ‘Mijn favoriete item om te maken is de Beekant. Hierin moet ik opzoek moet gaan naar een onbekend nummer van een bekende artiest, bijvoorbeeld Bruno Mars. Ik vertel er dan ook bij wanneer het nummer is gemaakt, en of andere mensen het hebben gecoverd. Dan kan je dat namelijk ook weer laten horen. Ik moet in de show uitzoeken hoe een nummer tot stand is gekomen. Het is makkelijker om te doen met nummers die wat ouder zijn dan met de nieuwe nummers. Ik vind dit heel erg tof om te doen.’

Welke muziek draai je het liefste op de radio?

J. ‘Echt van alles! Kijk, er zijn natuurlijk dingen die ik liever niet wil draaien, bijvoorbeeld heftige hardcore of hele heftige hiphop. Dat past gewoon niet, want het is wel aan een format gebonden. Het is van de jaren ’60 tot nu maar moet wel passen bij Wie-o-weekend. ‘Zelf ben ik meer van jaren 70’/80’ muziek en dan meer van psychedelische rock, dus als Pink Floyd op de radio is, word ik daar meteen heel erg blij van. Dat vind ik zelf ook heel erg leuk om te draaien, alleen die nummers duren meer dan vijf minuten. Dat kan dus niet altijd.’

A. ‘Ikzelf ben meer van de nieuwsradio of de informatieve radio, meer van de interviews bijvoorbeeld. Jasper is meer van de muziek, dus het vult elkaar goed aan. Er is op zich wel veel muziek die ik ken, maar hij weet dan weer meer van de achtergrond.’

Wat voor luisteraars heeft Slotstad Zeist?

J. ‘Dat is lastig om te zeggen, want ieder programma op Slotstad Zeist heeft zijn eigen leeftijdsgroep. Er is bijvoorbeeld in het weekend een programma dat Radiorapport heet, waar ook in wordt verteld wat er in Zeist wordt gedaan. Hier luisteren weer wat oudere mensen naar. Wij richten ons op mensen van twintig tot dertig jaar, en het programma wat na ons zit, De Slotfase, richt zich op de jongeren van Zeist’.

A.’Ja, klopt, onze doelgroep ligt tussen de twintig en dertig. Het kan ook wat ouder zijn natuurlijk. Naar Slotstad Zeist luisteren vooral de wat oudere mensen. Ik denk dat die ook wel luisteren naar ons programma, maar onze primaire doelgroep is tussen de twintig en dertig. We willen ook graag rekening houden met de oudere luisteraars ook al weten we eigenlijk niet zo goed wie er allemaal luisteren. De cijfers van niet hebben, dat is namelijk vrij kostbaar. We proberen het in ieder geval breed en divers te maken zodat iedereen zich er thuis voelt.’

Welke uitzending is je het meeste bijgebleven?

J. ‘De eerste! Dat was mijn echte radio ontmaagding. Ik had het nog nooit eerder gedaan, Arend gelukkig wel. Het was even wennen om door een radiomicrofoon te praten en de techniek te doen. Ik draai wel eens op feestjes, dus op zich wist ik wel wat van de techniek, maar niks van dit hele kleurenpalet wat ze bij de radio gebruiken. Je moet dus wel weten hoe je zoiets moet gebruiken. Gelukkig weet ik dat nu wel. Het was een echte beginuitzending, waarin we ons voorstelden en eigenlijk dezelfde items maakten als nu. Alleen hadden we de uitzending heel erg volgepropt waardoor we niet helemaal uitkwamen. Dit was voor ons echt een leermoment, om minder items en meer muziek te draaien bijvoorbeeld.’

Wat wil je in de toekomst bereiken met de radio?

J. ‘Als je in mijn hart kijkt zou ik het heel tof vinden om bij een echt radiostation te werken omdat ik veel met muziek heb en veel met vertellen. Ik heb alleen geen journalistiek gestudeerd maar wel geschiedenis, wat veel met elkaar te maken heeft. Wellicht ga ik peilen of ik ergens anders kan gaan werken, maar dat moet maar net gebeuren en er moet ergens plek zijn. Ik zit nu wel lekker bij de Amersfoortse en voor nu doe ik dit ernaast.’

A.’Ik hoop dat ik mezelf kan ontwikkelen door dit programma, dat is voor mezelf een doel. Voor het programma hoop ik dat we meer in contact komen met leeftijdsgenoten in Zeist, zodat we beter de doelgroep bereiken en dus meer luisteraars hebben. Dat zou wel leuk zijn, maar het gaat er vooral om dat we een goed inhoudelijk programma neerzetten. Het zou fijn zijn als het allemaal wat strakker loopt en de organisatie makkelijker gaat. Misschien extra ondersteuning ofzoiets. We moeten er namelijk nu allebei hard aan trekken om gasten te hebben voor de uitzending. Of iemand die verslag doet voor ons. Dat zijn dingen waarvan ik hoop dat ze in de toekomst makkelijker gaan.’