Inspiratieavond 'Plasticvrij: Waar begin je (aan)?' vond op 21 januari plaats in bibliotheek Idea in het centrum van Zeist. Arthur Tutein Nolthenius, medewerker bij Samen Duurzaam Zeist en voorzitter van Afval (voorkomen, beter scheiden en hergebruiken), leidde de avond in.

Namens Samen Duurzaam Zeist gaf Nolthenius het woord aan drie sprekers die allen ervaring hebben met het voorkomen van plasticgebruik en afvalproductie: Emily-Jane Townley, eigenaar van ‘Leven zonder afval’; visuele verhalenvertelster Esther Kornalijnslijper; en Hilde van der Vegt, marketingstrateeg bij de Plastic Soup Foundation.

‘Leven zonder afval’

De biologische producten uit de webshop van Emily-Jane Townley.
Julian Fillekers

Emily-Jane Townley werd uitgenodigd om te spreken over haar uitzonderlijke levensstijl. Townley is jarenlang verpleegkundige geweest bij Tergooi Ziekenhuis en had, in haar eigen woorden, ‘een doodgewoon leventje’, totdat ze ongeveer 6 jaar geleden besloot om een drastische omslag te maken. Ze begon een eigen onderneming genaamd ‘Leven zonder afval’ en runt tegenwoordig een webshop met meer dan achthonderd geheel biologische producten.

Townley kwam op de inspiratieavond om te inspireren en te laten zien wat er kan worden gedaan om afval te verminderen. ‘Om bijvoorbeeld te voorkomen dat je met plasticverpakkingen van de winkel thuiskomt, is het de kunst om zelf alternatieve verpakkingen mee te nemen naar de winkel’, vertelde ze, ‘en zo zijn er een heleboel kleine dingen die op eenvoudige manieren kunnen worden opgelost.’

Mijn ouders waren van die 'oerhippies'.

‘Het is eigenlijk een uit de hand gelopen hobby van mij’, legde Townley uit. ‘Kleine dingetjes kreeg ik van huis uit mee, mijn ouders waren namelijk van die ‘oerhippies’. Ik doe bijvoorbeeld eerst een extra trui of vest aan voordat de verwarming hoger gaat en voor korte eindjes reizen neem ik liever de fiets dan de auto.’ Na jarenlang deze kleine dingen in haar leven te hebben toegepast kreeg Townley kinderen en nam haar afvalproductie razendsnel toe, wat volgens haar met name door de hoeveelheid luiers kwam. Townley heeft drie kinderen, maar vond het jammer dat ze daardoor voor veel afval zorgde en wilde er iets aan doen. Ze zag op de televisie een interview met een vrouw die in een jaar tijd één liter aan afval had geproduceerd, dat wil ik ook, dacht Townley toen. ‘Van het een kwam het ander en nu leef ik compleet plastic- en afvalvrij.’

‘Alle kleine beetjes helpen’

Ik sta er niet alleen voor.

Visuele verhalenvertelster Esther Kornalijnslijper schetste een kort, relevant verhaal voor de inspiratieavond. ‘We hebben het in onze eigen handen. We hoeven niet gelijk alles op te geven om de wereld schoon te krijgen, alle kleine beetjes helpen’, was haar boodschap. Kornalijnslijper keek even rond in de bibliotheekzaal en zei: ‘Ik sta er niet alleen voor, want ik zie hier vanavond allemaal gezichten van mensen die er volgens mij net zo instaan als ik.’

‘The plastic soup surfer’

Ook werd de korte documentaire ‘Message on a Bottle’ van Eelke Dekker vertoond. Deze gaat over de ‘plastic soup surfer’, ook bekend als Merijn Tinga. Hij bouwde een kitesurfplank van gebruikte plastic petflesjes die hij op het strand vond. In samenwerking met de Plastic Soup Foundation wil Tinga dat er statiegeld komt op de plastic flesjes waar zijn board van is gemaakt. Samen met Bram Hoogendijk voer hij op 2 september 2016 succesvol op zijn surfplank van plastic vanaf Scheveningen over de Noordzee naar Lowestoft in Engeland, om aandacht op te roepen voor het zwerfafval dat in de zee terechtkomt.

Kort daarna was Hilde van der Vegt aan het woord. Zij heeft voor meerdere goede doelen marketingfuncties verricht. Op een gegeven moment reisde ze naar Afrika, waarbij het zwervend plastic haar in het oog sprong. ‘Plastic hoopt zich op in het milieu, dus ik kreeg de behoefte om daar wat meer directe impact op te hebben’, zei ze. Ze heeft haar baan opgezegd en werd businesspartner van de Plastic Soup Foundation.

Hilde van der Vegt liet zien dat er ‘verborgen plastic’ in allerlei producten zit.
Julian Fillekers

Van der Vegt riep tijdens haar bespreking aandacht op voor supermarktproducten die zogenoemde ‘verborgen plastics’ bevatten, zoals chipszakken en bepaalde cosmeticaproducten. Deze stalde zij uit op een tafel in de bibliotheek om duidelijk te laten zien om wat voor producten het volgens haar gaat. Van der Vegt legde vervolgens uit dat er van al het gerecyclede plastic slechts twee procent daadwerkelijk wordt gerecycled en op hetzelfde kwaliteitsniveau uiteindelijk wordt hergebruikt.

‘Plastic is het goedkoopste materiaal om mee te verpakken en overheden gaan in hand in hand met het bedrijfsleven, vandaar dat het lastig is om in één keer van al het plastic in de wereld af te komen’, legde Van der Vegt uit. ‘Ik kan niet al mijn boodschappen zonder plastic in de supermarkt halen, dus je kunt dan bijvoorbeeld de winkelier hierop aanspreken. Of je kunt doen wat de ‘plastic soup surfer’ doet en overheden publiekelijk op het gevaar van plasticgebruik wijzen.’

Nolthenius sloot de avond af. ‘Plastic is natuurlijk een mooi en handig product, maar het is niet biologisch afbreekbaar,’ voegde hij nog toe, ‘dus we moeten allemaal goed oppassen wat we van de supermarkt mee naar huis nemen en wat we uiteindelijk weggooien.’ Zijn belangrijkste slotboodschap luidde: ‘Ik hoop dat de verhalen die vanavond aan bod kwamen inspireren om stappen te zetten naar een schonere wereld met minder zwervend plastic afval.’