ZEIST – Seksueel misbruik binnen Jehova’s Getuigen wordt in de meeste gevallen intern afgehandeld. Hierbij wordt er onvoldoende gekeken naar erkenning van het slachtoffer en veel meer naar het bij elkaar houden van de gemeenschap. Dat blijkt uit een onderzoek van de Universiteit Utrecht donderdag naar buiten kwam.

De universiteit deed dat onderzoek in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Het landelijk bestuur van Jehova’s Getuigen probeerde de publicatie van het rapport eerder deze week nog tegen te houden met een kort geding. De rechter oordeelde echter dat “een afwijzing van de publicatie de vrijheid van meningsuiting beperken”, meldt een verslaggever van Trouw op Twitter. Bovendien gaat het hier niet “om een willekeurig onderzoek, maar een gewenst onderzoek naar een maatschappelijk belangrijk onderwerp”, zo stelt de rechter.

Meldpunt

Voor het onderzoek opende de universiteit een digitaal meldpunt waar mensen met ervaringen rondom seksueel misbruik binnen Jehova’s Getuigen terecht konden. Binnen een maand meldde hoogleraar en projectleider Kees van den Bos dat er al een paar honderd meldingen binnen waren gekomen. Uiteindelijk ontving de universiteit 751 meldingen, waarvan 292 meldingen van mensen die zelf slachtoffer waren van seksueel misbruik. De overige 459 meldingen kwamen van mensen die bekend waren met seksueel misbruik bij anderen in de gemeenschap. Iets minder dan de helft van alle meldingen kwamen van respondenten die nog steeds zijn aangesloten bij de Jehova’s Getuigen.

Rechtssysteem

In veel gevallen, bij 80% van de deelnemers aan het onderzoek, werd seksueel misbruik wel gemeld binnen de gemeenschap. Vaak aan ouderlingen, dat zijn hooggeplaatsten Getuigen, zo meldt het rapport. De zaak wordt vervolgens afgehandeld volgens een eigen rechtssysteem van de kerk, dat gebaseerd is op de Bijbel. Pas als er bij een beschuldiging twee getuigen zijn die het verhaal kunnen bevestigen wordt er een zaak gestart, de zogenaamde tweegetuigenregel. De procedure die hierop volgt is vooral gericht op “het bijeenhouden van de gemeenschap en amper op erkenning van het slachtoffer”, zo schrijft het rapport. Slachtoffers en daders worden vaak gewoon weer bij elkaar gebracht. Dat bevestigt ook sektedeskundige en voormalig Getuige Frances Peters. “Als bewezen wordt geacht dat er inderdaad sprake is geweest van seksueel misbruik, dan moet een slachtoffer het hele verhaal vertellen tegenover wat ze noemen een rechterlijk comité.”

Aangifte

De stap om zelf naar de politie te stappen is voor veel slachtoffers groot. De cultuur binnen de gemeenschap is erg gesloten. Bovendien “hoor je je broeder niet naar het gerecht te brengen”, zo schrijft de Bijbel voor. Naar buiten treden gebeurt dus weinig en kent bovendien het risico op uitsluiting, waarbij een slachtoffer wordt uitgesloten van de hele gemeenschap. Wat in de meeste gevallen ook afzondering van de hele familie betekent. Slechts 27% van de respondenten van het onderzoek heeft aangifte gedaan bij de Politie.

Zeist

De gemeente Zeist laat in een reactie weten geen speciaal toezicht te houden op Jehova’s Getuigen in Zeist. De Koninkrijkszaal van Jehova’s Getuigen in Kerckebosch was niet bereikbaar voor commentaar.